Vertrekpunt

Le Puy en Velay, 11 juli 2015

Na een vermoeiende treinreis staat Jakline ons in Le Puy al op te wachten. Het is half acht in de avond en de thermometer geeft 34 graden aan. Wij zijn blij in de auto met airco te mogen stappen.Jakline brengt ons naar haar chambre d"hote. Bij haar huis is een prive-zwembad. Het eerste wat we na aankomst doen is die faciliteit uitproberen.Wat een heerlijke afkoeling na de warme reis.

Na het ontbijt van de volgende dag gaan de mannen ook direct weer zwemmen. Heerlijk afkoelen tijdens deze zomerse dag. Het stadje is duidelijk een startpunt naar Santiago. Gouden schelpen in de straten, diverse souvenierwinkeltjes met Camino-spullen en veel toeristen. De toeristen fotograferen de pelgrims en de pelgrims fotograferen de Camino-memorablia.Het is zaterdag, de dag dat er in Le Puy een markt is met regionale producten. Er zijn veel mensen op de been, en de sfeer is ontspannen en gezellig. Met tassen vol regionale producten keren we rond twee uur terug naar het zwembad.

Wat een heerlijk vertrekpunt is Le Puy!

Michelin

Le Puy en Velay. 12 juli 2015

Na het ontbijt in de groene tuin van Jakline neemt Martijn nog een duik in het zwembad. We nemen daarna afscheid van onze gastvrouw en starten de "echte" reis. Bepakt en bezakt lopen we naar het hotel met de toepasselijke naam Saint Jacques.

Onderweg horen we regelmatig: St. Jacques (Santiago) est la! We lopen inderdaad tegen de richting in. Na het achterlaten van de bagage in het hotel, gaan we de berg op naar de kathedraal: daar willen we graag onze eerste tampons (stempels) in onze credencials (pelgrimspaspoorten) laten plaatsen. 

Op een andere berg staat een enorme rode Madonna met kind. De mannen. beklimmen de berg en stijgen letterlijk tot in het hoofd van Maria. Intussen bezoek ik wat airco-winkeltjes. Het is 35 graden in de schaduw. En wat vind ik: een Michelingids van onze route. In Spanje was dat onze favoriete gids vanwege de overzichtelijke opzet. In Nederland hebben we dewze niet kunnen vinden voor de route naar Conques.

Met de aankoop van deze gids zijn we er echt klaar voor. Kom maar op met die klimmetjes en moet die afdalingen!

Is dat alles?

Montbonnet, 13 juli 2015

Ik herinner mij de eerste etappe na Le Puy als pittig. Heel pittig. Vijftien jaar geleden maakte de klim direct na Le Puy erg veel indruk op me. Natuurlijk heb ik de kinderen daarover verteld. Ook zij zijn in gespannen verwachting voor die klim. Zal mama het nog wel kunnen?

Al in de stad beginnen we te stijgen. Deze stijging gaat door zodra we in het bos zijn. "Mam wanneer.Komt het moeilijke deel?'. Rustig lopen we omhoog. Het zal straks zwaar worden, dus vooral niet te hard van stapel lopen.</p> <p>Rond negen uur, een uur na vertrek, staan we op de heuvel zo'n 400 meter boven Le Puy. Was dat nou de klim waar ik zo tegenop zag? 'Was dat nou alles?' Vraagt Martijn.&nbsp;</p> <p>Ja dat was alles. In mijn herinnering was ik vergeten dat ik vijftien jaar geleden een rugzak met ruim 18 kilo op mijn rug had. Ik was vergeten dat we daarvoor nog nooit met bepakking hadden gelopen. Ook wist ik niet meer dat we vijftien jaar geleden nauwelijks buiten het vlakke Nederland hadden gelopen. Vijftien jaar geleden hadden we niet echt een idee over wat ons te wachten stond. &nbsp;inmiddels hebben we blijkbaar veel wandelervaring opgedaan en zijn we fysiek en mentaal beter voorbereidt. En bovendien, dit jaar lopen we met slechts een dagrugzakjes van ongeveer 5 kilo.

Gelukkig klopt een ander deel van mijn herinnering wel: de natuur waar we doorheen lopen is adembenemend mooi.Bij de chambre d"hote staat onze bagage al voor ons klaar. We kunnen direct onze familiekamer betrekken en lunchen en relaxen.

De avondmaaltijd gebruiken we samen met het gezin van de eigenaar, een Italiaans stel en een Feans stel. Niemand spreekt elkaars taal, maar met ondersteuning van gebaren lijken we elkaar wel te begrijpen.

Op Facebook schreef iemand dat alle zorgen na de eerste wandeldag zouden verkleinen. En dat blijkt waar. Sterker nog, tot nog toe ervaren we de voor ons ongekende luxe van bagagevervoerder en comfortabele gereserveerde slaapadressen als een kadootje aan onszelf.

Afgesleten zolen

Monistral d"Allier, 14 juli 2015

De afstand is vandaag niet groot. Ongeveer 15 kilometer tot ons hotel "Pain du sucre". De temperatuur is echter hoog (ongeveer 36 graden in de schaduw) en Michelin heeft de route een code rood (erg zwaar) gegeven. De route is prachtig, we lopen door het centraal massief met prachtige uitzichten een veel variatie in landschappen. Pieter en Martijn lopen ver voor Thomas en mij uit. Thomas is verrast over de schoonheid van het gebied. Regelmatig maakt hij spontaan opmerkingen over de lekkere geur van de bloemen, een uitzicht of een dorpje.

Het is vandaag minder druk op de route. Waarschijnlijk omdat veel lopers vannacht in een ander dorp hebben overnacht en ze dus al voor of nog achter ons zijn.Deze relatieve rust vind ik erg prettig. Het rode michelinmannetje is onder meer gegeven vanwege een zeer pittige afdaling. Via smalle bospaden dalen we binnen 3 km ruim 400 meter. Af en toe gaat het pad bestaande uit losse stenen, droog zand, boomwortels en rotsen ongeveer steil omlaag. De kinderen genieten en rennen, glijden en springen naar beneden. Ik loop en probeer rustig door te lopen. Gelukkig heeft Pieter het goed ingeschat en is hij bij elk lastig stuk onder handbereik. Thomas en Martijn genieten van mijn uiterst voorzichtige ietwat schijterige afdaalsteil.

Mijn schoenzolen uit 2013 hebben al meer dan 1000 kilometer gelopen. De scherpe randjes zijn er zogezegd afgesleten. Die afgesleten zolen helpen mij vandaag dus even niet. Maar Pieter helpt door steeds steun te geven en de kinderen helpen door me echt de makkelijkste (maar nog steeds enge) route te wijzen.

Huppelend bereiken we na de middag ons hotel. Thomas en Martijn hebben genoten van de wandeling, ik ben blij weer vaste grond onder mijn voeten te hebben en om een paar uur uit de zon te kunnen blijven.

Topdag

15 juli 2015, La Clauze

Al direct na de start begint een pittige klim. We gaan in 3,5 kilometer ruim 500 meter stijgen. Dit doen we over hetzelfde type paden als waarlangs we gisteren zijn afgedaald. Stapje voor stapje gaan we omhoog. Martijn lijkt het geen moeite te kosten. De warmte maakt het voor Pieter en mij lastiger. Maar tot mijn verbazing lukt het om zonderr pauzes de klim tot een goed einde te brengen. En wat me nog meer verbaast is dat we meerdere lopers met gemak inhalen en zelf niet ingehaald worden. Trots nemen we op de top wel een pauze. Thomas is toe aan een tweede ontbijt en ik heb zin in een sigaret.

Na deze klim volgen er nog 16 kilometer. We lopen over een mooie hoogvlakte met weidse uitzichten. Af en toe een afdaling, gevolg door een korte klim. Het lopen gaat goed tot een uur of twaalf. Dan is het inmiddels ongeveer 38 graden en draait de zo'n naar onze gezichten. Zelfs Thomas laat zich nu insmeren met zonnebrandcreme, zijn knie en nek beginnen wel erg rood te worden.

We overnachten in een chambre d'hote in en heel klein dorp. Er is geen kerk, of bakker. We hebben de code van de deur gekregen en kunnen het onszelf gemakkelijk maken. In de koelkast staat koud drinken klaar. Groot is onze verbazing als we in het pand uit 1853 een luxe woonkamer aantreffen en twee slaapkamers met elk een eigen badkamer. Voor het huis een tuin met ligstoelen en vanuit het huis en de tuin een prachtig uitzicht (zie foto). De eigenaresse kookt een driegangen maaltijd voor ons en voor Patricia, een Nederlandse pelgrim die in een ander huis verblijft,. Heerlijk eten en fijn om even Nederlands te kunnen spreken.Ondanks de spierpijn van het dalen en klimmen, was dit een echte topdag. Of zoals Martijn zei: 'Dat was echt gezellig, he mam?''

Verzengende hitte

Domaine de Sauvage, 16 juli 2015

We hebben in ons eigen huis heerlijk geslapen. Het was zeer donker, door de dikke muren was het koel en het was zeer stil. Na een ontbijt bestaande uit geroosterd stokbrood, jam, jus d'orange en koffie, gaan we op pad. Het is nog maar acht uur, maar de zon is moordend. Het lijkt elke dag warmer te worden. Dit. Maakt het lopen duidelijk extra zwaar en met name als we moeten stijgen in de zon, ook redelijk onaangenaam.

We lopen vandaag weer door een heuvelachtig terrein. Graanvelden, weilanden en bossen wisselen elkaar af. Gemiddeld na elke vijf kilometer passeren we een dorpje dat de naam dorp haast niet mag hebben, &nbsp;zo klein. In de dorpjes zijn geen voorzieningen op 1 voorziening na. Overal is een gite d"etappe voor pelgrims gevestigd. Om daar te kunnen slapen bellen de meesten de avond tevoren om te reserveren. De eigenaar weet dan hoeveel slapers en eters er komen en kan inkopen doen voor de avondmaaltijd.

Op het heetst van de dag arriveren we in Sauvage. Dit is een dorp dat bestaat uit een grote boerderij waarin nu een gite is gevestigd. Het ligt in niemandsland. De enige manier om hier te komen is lopend of over een lange hobbelige zandweg met een 4wd. De gite ligt op 1300 meter hoogte, het hoogste punt in de omgeving. We kunnen dus kilometers ver kijken. Liever blijven we echter binnen. Er is op de domaine nauwelijks schaduw, en de zon is te warm om in te kunnen zitten. We vermaken ons dus met pannenkoeken bakken, met ingredienten uit het boerderijwinkeltje, lezen en computeren. Voor het eerst hebben we de beschikking over een computer, weliswaar met windows XP en met een azerty-toetsenbord, hij is goed genoeg voor het bijwerken van de site en voor het spelen van spelletjes.

Vanavond schuiven we aan aan de grote tafel die al gedekt is voor alle lopers. Elke dag is het menu een verrassing, het kaasplankje en de ham lijken echter vaste prik van elk menu te zijn.

Bloeiende brem

St. Alban, 17 juli 2015

Een hele belangrijke herinnering aan onze tocht in 2000 was de heerlijk ruikende, bloeiende brem. Kilometers lang liepen we over een prachtig hoog gelegen pad waarbij ik genoot van de heerlijke geur en van de takjes met bloemen waar we bij elke stap tegenaan kwamen.

In mijn herinnering bevond dat pad zich op de heuvel, na de klim, buiten Le Puy. Maar omdat ik dit tot op heden niet gezien heb, dacht ik dat de route wellicht verlegd was. Tot op vandaag. Vandaag hebben we kilometers lang over dat met brem omzoomde pad gelopen. De brem is natuurlijk al uitgebloeid, de bloeitijd is mei en juni, maar het pad is nog steeeds wonderschoon. Extra fijn is dat het pad vregelmatig door het bos loopt, daardoor kregen we vandaag regelmatig schaduw. Iets dat in 2000 blijkbaar minder belangrijk voor mij was vanwege de toen normalere temperaturen.

Al twee dagen hebben we geen winkel, cafeetje of terrasje gezien. We lopen door een extreem dunbevolkt deel van Frankrijk. Steeds pauzeren we op onze geisoleerde zitmatjes langs het pad waar we lopen. Bij het binnenlopen van St. Alban zijn we daardoor extra blij om een bakker, spar en terrasjes te zien. Op het eerste terrasje ploffen we neer en moeten echt even wennen aan alle bedrijvigheid die er is: veel verkeer. Relatief veel mensen en een kerk met klokken die heel veel lawaai maken als je er recht onder zit. We zijn weer even in de bewoonde wereld. Onze voorraad broodjes en sigaretten kan worden aangevuld voor onze komende dagen.

We logeren vandaag in hotel Le Centre. Twee ruime kamers met uitzicht op de kerkklokken en het mooie achterliggende landschap waar we morgen weer verder gaan trekken.

Stomme Tour de France

Les granges de les Bigose, 18 juli 2015

De Tour de France is in de regio. Gevolg is dat alle onderkomens in de wijde omtrek vol zijn. Ook op ons heeft dit invloed, vandaag lopen we maar 9 kilometer. We staan later op, ontbijten rustiger en lopen langzaam. Thomas en Martijn houden energie over. In eerste instantie leidt dat tot het honderd keer zingen van het kippenliedvan Andre van Duin.

Nadat zelfs Thomas daar genoeg van heeft komt hij naast me lopen.'Kun je even met me praten?, vraagt hij. Aan de toon waarop hij.Dit vraagt is al duidelijk waarover hij wil spreken: computers. Thomas zit vol dilemma's. Wat is de volgende upgrade die zijn zelf gebouwde computer nodig heeft? Grafische kaart, moederbord, processor, voeding, aantal kernen, i5, i7, ram en vele andere zaken passeren de revue. Het enige wat ik hoef te doen is luisteren en af en toe een vraag stellen. 'wat wil je bereiken?; Waarvoor is dat nodig?; Zijn er andere opties?; Hoeveel geld wil je besteden?'. Martijn luistert aandachtig mee. Ook hij wil zijn computer upgraden. Of eigenlijk wil hij dat Thomass dat voor hem doet. Uiteindelijk lopen de twe mannen gebroederlijk samen. Thomas heeft in Martijn een maatje in upgrade-vraagstukken gevonden.

Om 11 uur komen we aan bij onze bestemming. De enige plek waar we dit jaar op een slaapzaal slapen. Dat is even schakelen, een betonnen ruimte met stapelbedden. Vanwege preventie van bedbugs moeten de rugzakken op de gang blijven. Spullen voor de nacht kunnen we in een plastic mand doen en er staan crocs klaar voor de voeten van de pelgrims. Als dan buiten een enorme onweersbui losbarst, kruipen we in bed en vermaken ons met boek en telefoon. Met uitzicht op de fris (?) gewassen onderbroeken van de journaliseren van het AD, de Trouw en Het Parool.

Stomme Tour de France!

Yurt

Pratviala, 19 juli 2015

ons overnachtingsadres ligt buiten de route. Volgens de beschrijving moeten we voor een molen linksaf. We lopen door de aubrac, een desolate hoogvlakte bestaande uit weiden, keien en heuvels. We kunnen kilometers ver kijken. Op het punt waar we de route zouden moeten verlaten (naar ons gevoel) is in de verste verte geen molen te zien. Opeens zien we een vermolmd bordje dat naar een campiing a la ferme wijst. Dat moet het zijn. 

We verlaten de route en slaan het pad dat naar links gaat in. Na ongeveer een kilometer komen we in een dorpje. Een dprpje dat bestaat uit slechts enkele huizen en boerderijen. We lopen het dorpje uit zonder onze bestemming gezien te hebben. Op de heuvel na  het dorpje zien we een kilometer of 5 verderop de eerstvolgende bebouwing. Dat kan het niet zijn. We lopen terug naar het dorpje en staan wat zoekend rond te kijken.

Pieter klopt bij een paar huizen aan. Er lijkt geen leven te zijn. Geen reacties, ondanks openstaande deuren en ramen. Wat nu?

Even later komen nog een paar wandelaars het dorpje binnen. Ook zij zijn zoekend. De reuring die ontstaat door het gesprek dat ik met ze voer, leidt ertoe dat er een oud gebogen vrouwtje met stok uit een huisje tevoorschijn komt. Ze kijkt verstoord vanwege onze aanwezigheid. Ik laat haat het kaartje zien van de plek die we zoeken. Ze wijst een straat in en spreekt nors en luid. We volgen haar gebaren, al is het maar omdat dit niet het type persoon is waar we ruzie mee willen maken.

En het klopt. Aan het eind van de straat ligt in een bosje onze chambre d'hote en camping. Op de camping staat 1 yurt en een klein keukentje. Dit is waar wij vannacht slapen. De yurt ligt wat hoger dan het dorpje. We hebben dan ook een wijds uitzicht over de hele omgeving. De yurt zelf is kleurrijk en licht ingericht: een hele prettige plek om de nacht door te brengen. 

Na het gezamenlijke avondeten klimmen we het heuveltje op. We horen in de omgeving wolven huilen. Wij sluiten de deuren en zullen de yurt vannacht niet verlaten.

14

Montgros,  20 juli 2015

Voor ons gevoel is het nog middernacht als de wekker van Thomas' IPod afgaat 'tweedletweedletweedle' het kanarielied van André van Duin. Thomas is jarig en wil worden toegezongen. Met een slaperig hoofd zingen we alle verjaardagsliedjes die we kennen. Vervolgen is het tijd voor het kado van Martijn, onze kadoos heeft hij in Nederland al gekregen. Martijn geeft Thomas een enorme zak met kruidvat-snoep. Uiterst tevreden stopt Thomas het eerste snoepje in zijn mond. Wij gaan nog even liggen tot het tijd is voor onze wekker. 

We nemen afscheid van onze Yurt en ontbijten samen met de andere gasten: jam met stokbrood en koffie. 

We lopen door een prachtig natuurgebied. Het is begrijpelijk dat op dit deel van de tocht veel nieuwe lopers zijn afgekomen. Deze lopers zijn te herkennen aan hun witte huid. Wij en anderen die in Le Puy zijn gestart, zijn allemaal flink verkleurd door de felle zon van de afgelopen week. Thomas en ik zijn ondanks regelmatig insmeren zo rood als een Kreeft. Vele anderen zijn dat ook. Enkelingen zijn vooral bruinverbrand, waaronder Pieter en Martijn. 

Thomas voelt zich niet zo goed, zijn voeten (vooral zijn ringwijsteen, zoals hij de betreffende teen noemt) doen zeer. Na een tijd krijgt hij ook buikpijn. Wellicht dat de snoepjes, die inmiddels half op zijn, daar iets mee te maken hebben?

 We overnachten bij Maiison Rosalie, het enige overnachtingsadrea dat. We deze vakantie aandoen waar we ook 15 jaar geleden hebben geslapen. Een keurige chambre d'hote met een stricte eigenaresse. Vijftien jaar geleden vonden we haar strict in haar eis dat we mee moesten eten. Nu is daar nog een eis bijgekomen: de bagage mag niet in de kamers. Deze moet op de gang blijven, bij de schoenen. Een nieuwe maatregel om te voorkomen dat de kamers besmet worden met punaises (bedbugs).

in deze verder erg prettige uitspanning proosten we op oonze mooie grote zoon die nu alweer 14 jaar is! Time flies.

 

Bulten

Saint Chely d'Aubrac, 21 juli 2015

De monts de Aubrac zijn prachtig, het is her 'lopen met je ogen". We lopen door de desolate heuvelachtige koeienweiden, waarbij we steeds door of over een hek moeten stappen om in het volgende gebied te komen. Kilometers lang stijgen we over de velden zonder een huis te zien. Kilometers lang in de felle zon, en zonder zuchtje wind.

Pieter en de kinderen lopen kwebbelend en genietend voorop. Ik geniet steeds minder, het is rond 11 uur al 34 graden in de schaduw en ik voel mijn huid branden. Tijdens een pauze bekijk ik voordat ik me voor de zoveelste keer wil insmeren mijn huid. Mijn benen en armen zitten onder de rode bulten: een typisch geval van pittige warmte-uitslag.

De kinderen vinden het wel grappig, eindelijk heb ik ook bulten.Thomas en Martijn hebben al vanaf de eerste dag veel muggenbultjes. Bij Thomas zijn enkele daarvan zo groot als eieren. Dat ziet er niet mooi uit maar is vooral heel erg jeukerig. Daarbij hebben zij elk al een blaar op hun tenen gehad, die vakkundig (maar pijnlijk) door mij zijn behandeld. Ook Pieter heeft sinds een dag of twee rode bulten. Deze bulten zijngegroepeerd in drietallen en jeuken. Even denkt hij aan bedbugs-beten, maar die hebben we in 2013 al twee keer gehad, dus die zullen we dit jaar vast niet opnieuw krijgen. Toch?

Na een pittige afdaling (500 meter in 3 kilometer) bereiken we verhit, met zere voeten en bezweet ons hotel voor de nacht. Na een verfrissing op het schaduwrijke terras duiken we onze kamers in. Vanmiddag hebben we bulten te verzorgen.

Verkoeling

Saint Come d'Olt, 22 juli 2015

Het is druk in St. Chely. Dit dorp is volgens de diverse wandelhoofden een etappeplaats. Veel wandelaars lopen de route exact volgens de boekjes en overnachten in dezelfde etappeplaatsen. Tot nog toe overnachtten wij eigenlijk altijd in andere plaatsen, veelal zonder voorzieningen. Onderweg kwamen we dan niet veel lopers tegen. Maar vandaag is dat dus anders. We lopen vandaag dezelfde route als ongeveer 100 andere, vrijwel allemaal Franse, pelerines. 

De route van vandaag is volgens Michelin oranje. Reden daarvoor is de vele hootemeters die we maken. We starten met een klim, puffend en hijgend loop ik mee met de andere randonneurs. Daarn een flinke lange afdaling over een stoffig keienpad. Martijn rent dit deel naar beneden, ik kom uiterst voorzichtig maar wel snel achterop. En daarna een bijna verticale klim. 

Het is vandaag niet heel warm, ongeveer 26 graden, en we lopen grotendeels door het bos. Een mooie wandeling over pittige bulten.

Net als veel anderen komen we rond 1 uur aan in het Dickens-achtige St. Come. We slapen bij een chambre d'hote met mooie tuin en zwembad: Les jardins dÉliane. Al dagen kijken we uit naar dat verkoelende zwembad. Maar zodra we zijn ingecheckt begint het te onweren en stortregenen. Met een boek, telefoon of IPod vermaken we ons in de heerlijk koele kamer.

Blauw scherm

Estaing, 23 juli 2015

De straten zijn nat, het heeft een  groot deel van de nacht geregend. De lucht is blauw, de regenbuien hebben weer plaats gemaakt voor de zon. We ontbijten samen met twee Canadezen die op een tandem vanaf Le Puy naar Santiago rijden. 

Volgens Michelin is de 20 kilometer van vandaag groen, dus we hebben zin in een relatief eenvoudige etappe. Met vers brood van de Panaderia in onze rugzak verlaten we het mooie St. Come. 

De weg verlaat de stad over een bruggetje. We lopen daarna ongeveer 1,5 kilometer langs de rivier de Lot. Vervolgens slaan we linksaf een stijgend bospad in. Pittig stijgend, dat vinden we alle vier.  Dat zal die ene steile klim zijn waarover ik in de beschrijving heb gelezen. Maar kort daarna zien we een pad voor ons met zwart gravel dat vrijwel verticaal omhoog gaat. Het zal toch niet... Helaas is er geen afslag waar we heen worden geleid. Het zal dus toch, het gravelpad leidt naar een verlaten steengroeve. Het is na de kim bijzonder om langs de rand van de krater van de groeve te lopen, alleen jammer dat de weg uit de groeve weer zo steil is. 

Na ruim twee uur lopen, 7 kilometer na onze start, genieten we in Espalion van een drankje en een verse croissant. Vanaf hier nog maar 13 kilometer. Maar wat een tocht volgt er dan: eindeloze steile klimmetjes over hele gladde modderige bospaden. Afdalingen over rotspaden waarbij ik voortdurend weg glij vanwege de dikke laag klei die aan mijn schoenzolen zit. En steeds als we denken dat het makkelijker wordt, wordt het  nog moeilijker. Op handen en voeten kruip ik soms naar boven. Eenmaal is het zo steil en glad dat ik me niet meer durf te bewegen. Met brute kracht duwt Poeter me uiteindelijk uit die positie. 

Op een vlak stukje vraagt Thomas mij of mijn scherm al blauw is. Hij legt me na het zien van mijn vragende gezicht uit dat dat betekent dat de computer op tilt is door overbelasting. 

Vandaag is mijn scherm inderdaad op blauw gesprongen.  Na ruim zeven uur lopen komen we doorweekt van het zweet aan in Estaing. Maar voor mij nu even geen wandeling door dit stadje. Voor mij alleen een warme douche, schone kleren en voeten omhoog. En morgen? Ik zeg: taxi!

Pap in de benen

Entraguijres, 24 juli 2015

Het diner in Estaing was verrukkelijk, meloen gevuld met ik als voorgerecht, filet mignon met groentes als hoofdgerecht en tiramisu als nagerecht. De borden waren opgemaakte kunststukken. Zelfs Thomas was onder de indruk en heeft alle gangen verorbert!!

Na zo'n maaltijd en na de intensieve wandeldag verwacht ik snel en goed te slapen. Het tegendeel is waar. Overal voel ik jeuk. Steeds denk ik beestjes op mijn huid te voelen. Ik heb ongeveer 10 keer een grondige inspectie uitgevoerd. Geen beestje te bekennen. 

Bij het opstaan voel ik me al moe. Vandaag is het de bedoeling dat we de route voor even gaan verlaten voor een mooie tocht door de kloof van de Lot. Het is vandaag alweer vroeg heel warm. En al snel na de start beginnen de klimmetjes weer, weliswaar minder moeilijk als gisteren maar wel in de volle zon. Mijn benen werken vandaag niet fijn mee, ze lijken te bestaan uit pap. Ook Martijn is minder kwiek dan op de andere dagen: normaal gesproken loopt hij ver op ons voor, vandaag blijft hij in de buurt van Pieter.

Na vier uur lopen kunnen we kiezen: nog drie uur lopen tot onze chambre d'hote of een taxi bellen. Unaniem kiezen we voor de comfortabele optie. We laten ons in een airco-taxi vervoeren naar onze uiterst luxe chambre d'hote annex inwikkel annex snoepwinkel. Terwijl het buiten windstil is en 34 graden, eten wij fris gedoucht een vers gemaakt ijsje. En omdat het ontbijt pas vanaf half negen wordt geserveerd (men is hier niet ingesteld op wandelaars) komen we unaniem tot de conclusie dat er dan ook niets anders opzit dan morgen het eerste stuk ook maar met de taxi te moeten doen!

Feestje

Espeyrac, 25 juli 2015

Het is vandaag de feestdag van St. Jacobus, de heilige naar wiens resten de Camino leidt. In Spanje en Portugal kun je op de Camino niet om die dag heen. In alle dorpjes en steden waar de Camino doorkomt is er een klein of groot feest. In Frankrijk is de chemin de  St. Jacques enorm gegroeid in de laatste jaren, overal schelpen en beeldjes en afbeeldingen van St. Jacques. Maar 25 juli is hier niet echt een bijzondere dag.

Wij maken er een bijzondere dag van. Het ontbijt in ons bric-à-brac ingerichtte hotel is heerlijk: zelf gebakken brood en croissants, zelfgemaakte jam en verse koffie. Het ontbijt wordt geserveerd in de jaren twintig snoepwinkel die bij de chambre d'hote hoort. En natuurlijk mogen Thomas en Martijn dan iets kiezen, een lollie of een zuurstok.

Vanwege het late ontbijt willen we de route iets inkorten en regelen we een taxi. Dat scheelt 6 kilometer omlopen en 300 meter stijgen. We laten ons weer op de Gr. 65 afzetten, op hetzelfde punt waar we gisteren deze route hadden verlaten. 

Het weer is perfect om te lopen: 25 graden, halfbewolkt en een lekker briesje. Het is genieten: we lopen heel goed en zijn net als alle andere dagen erg blij dat onze bagage vervoerd wordt door 'La Malle Postale'. De uitzichten zijn weer erg fraai en de paden erg afwisselend. 

 Hotel de la vallee is onze bestemming van vandaag. Onze bagage staat bij aankomst al voor ons klaar. De eigenaresse vertelt dat we de enige gasten zijn. Het hotel is vandaag afgehuurd voor een bruiloftsfeest. Ze wil wel graag weten of we mee willen eten want dan moet ze dat gaan voorbereiden. In het dorp is verder geen eetgelegenheid, dus ze kan haar voorbereidingen gaan treffen.

En nu maar afwachten of ons dejeuner ook een feestje wordt. Wellicht eten we gewoon mee met de bruiloftsgasten?

Conques

Conques, 26 juli 2015

Het bruiloftsfeest was groots. Een groot deel van de gasten, degenen die ook in ons hotel verbleven, heeft het laat gemaakt. Als resultaat treffen wij in de ochtend de resten van dronkenschap op de trap aan.

Na het uiterst karige ontbijt bestaande uit oud stokbrood, jam, boter en slootwaterkoffie, zijn we klaar voor de laatste etappe. Een oranje route, wegens de steile klimmetjes en ditto afdalingen. 

Na twee en een half uur nemen we de eerste pauze, een moment voor wat eten, drinken en een sigaretje. Ook een  moment om even te kijken waar we op de route zijn. Tot onze verbazing hebben we al 13 kilometer afgelegd. Blijkbaar is onze loopconditie erg goed geworden. 

Vijftien jaar geleden ben ik tijdens de steile afdaling naar Conques een aantal maal uitgegleden en gevallen.  De kinderen kijken uit naar die blijkbaar uitdagende finale van onze tocht.

Al snel na onze pauze beginnen we met dalen, eerst over de weg maar al snel daarna over een steeds smaller en steiler wordend rotsachtig bospade. We, of liever gezegd vooral ik, zijn gespannen voor het nog komende moeilijke en gevaarlijke deel. Bij elke bocht verwacht ik dat we gaan beginnen.

En dan zijn we er opeens: de eerste middeleeuwse huisjes zijn te zien. En even later is daar opeens de grote kerk en het Anton Pieck dorpsplein. Opeens is onze tocht ten einde.

Wat een vervreemdemde aankomst, de etappe was veel makkelijker dan we dachten, onze adrenaline stroomt nog volop door ons lijf. 

Op een terrasje bij de kerk landen we rustig. We kijken naar de vele toeristen die op dit mooie dorpje zijn afgekomen. We zien om 12 uur de keurig geklede kerkgangers naar buiten komen. We zie de priester een grote groep scouts inzegenen die een stuk van de Camino gaan lopen.

Wij zijn op onze eindbestemming van dit jaar aangekomen. Wij moeten nog even wennen aan dat idee.

De laatste stempel

Conques, 28 juli 2015

In 2000 maakten we voor het eerst kennis met de Camino. Volstrekt onervaren en met veel te veel bagage liepen we toe de gehele route vanaf Le Puy naar Santiago. Een route die nog redelijk onbekend was en een ervaring om nooit te vergeten.

Ruim drie maanden lang liepen we langs albergues waar vaak zo weinig bedden waren dat we op de grond of in een gymzaal moesten slapen. In 2013 gaan we samenn. Met de kinderen op weg. Ruim 700 kilometer vanaf Pamplona naar Santiago. Een opnieuw hele bijzondere ervaring, een bijzonder knappe ervaring voor met name Thomas en Martijn. Zes weken lang dag in dag uit wandelenn met bagage en slapen in vaak onrustige slaapzalen.

De Camino Portugues is in 2014 aan de beurt. Een relatief makkelijke route, zowel qua duur als qua terrein ( erg vlak).

Al deze keren beleven we de Camino met en door andere pelgrims. De aankomst in Santiago is daarbij steeds een feestje. De trots van de bijzondere prestattie, het in ontvangst nemen van de Compostella en de sfeer onder de pelgrims die met elkaar de ervaring van onderweg zijn en aankomen delen.

De route dit jaar was fysiek pittig, vanwege de hele hoge temperaturen en de relatief veel steile hoogtemeters. Het landschap was prachtig en heel gevarieerd. Elk van ons kon de route fysiek en mentaal uitstekend aan, beter dan alle voorgaande jaren. De bewegwijzering en de voorzieningen zijn geweldig verbeterd ten opzichte van het jaar 2000, met name omdat de route een aantal jaar geleden door de Unesco is geadopteerd. De route wordt door vooral veel Fransen belopen. Overal zijn verwijzingen naar Santiago, velen lopen met de St. Jacobssschelp aan de rugzak. Maar toch voelt het voor ons niet als Camino. Slechts een enkeling heeft Santiago als doel. Het gros van de lopers en het gros van de gemeenschappen waar we doorheen lopen heeft niet echt een verbinding met de pelgrimsweg. 

Onbewust gingen we er allemaal vanuit dat de aankomst in Conques een bijzondere ervaring zou geven. Een klein beetje het Santiago-gevoel. Maar Conques is geen Santiago. Conques is een prachtig middeleeuws dorpje waar al eeuwenlang pelgrims onderdak kunnen vinden. En het is al tientallen jaren een dorpje waar busladingen vol toeristen een leuk dagje uit beleven. 

Voor ons is Conques het voorlopigheid eindpunt van onze Camino-ervaringen. Na het halen van onze voorlopig laatste stempel en het eten van een ijsje, dalen we af naar de camping. Een paar dagen lang gaan we nagenieten. Een paar dagen lang vieren we een meer traditionele vakantie: in een stacaravan aan een rivier, met zwembad en tafeltennistafel. Dag Camino tot later in ons leven.